Er was eens...

Naar bed, naar bed maar eerst..nog één verhaaltje (voor volwassenen!)
Er was eens...
Er was eens..en jongentje. Van toen hij heel klein was speelde hij graag spelletjes met grotere zus of met zijn oma. Hij wilde steeds winnen. Op school was hij slim zonder echt zijn best te moeten doen. Niets was te moeilijk. "Je best doen" en een diploma te halen waren voor de papa belangrijk om later, als je groot bent, werk te vinden. Met een goed diploma vind je zeker werk en ...met werk zou zijn zoontje later beter van het leven zou kunnen genieten. Papa vond ook dat "sportief zijn" belangrijk was. Een gezonde geest hoorde thuis in een gezond lichaam. 
Het jongentje ging voetballen  en was vlug voetbalslim. De Leeftijdgenootjes waren groter en sterker. Het jongentje snapte het voetbalspel beter dan vele volwassenen. Papa keek steeds toe en zorgde ervoor dat zijn zoontje steeds gelijke kansen kreeg dan de leeftijdsgenootjes. Ouders moeten opkomen voor gelijkwaardige kansen van hun kind. Op jonge leeftijd zijn meedoen en leren belangrijker dan winnen. Enkel aandacht voor de beste jonge sporters was volgens vader niet goed: niet voor het kind en niet voor de sport.
Toen het jongentje ouder werd vond hij het leuker om een sport te gaan doen waar hij zelf kon uitblinken, zonder hulp van ploeggenootjes. Papa was eerder wielrenner  en dacht nooit dat zijn kleine spruit dat zou willen doen. Toch kon het jongentje zo snel fietsen dat grotere jongens, die hem naar school probeerden te volgen, ziek van vermoeidheid l aankwamen. Papa begreep het jongentje en maakte een echte koersfiets voor zijn zoontje. De fiets mocht niet te duur zijn want papa dacht dat zijn zoontje die sport niet zou aankunnen en zeker niet zou volhouden. De jongen was nu 11 jaar en kon toen maar amper op zijn grote koersfiets. Skivakantie met grote zus mama en Papa vond hij ook zeer leuk. Steeds wilde hij als eerste beneden zijn, een snelheidsrecord breken en als langste op de pistes blijven. In Oostenrijk was hij zeker een goede skiër geworden maar...de jongen woonde in België.
De kleine coureur deed elk weekend aan een wedstrijd mee. Hij bleef zijn sport trouw . De jaren gingen voorbij en hij bleef de kleinste van het peloton. Papa zag toch dat hij het goed deed. Zoon had nog niet de kracht maar leerde wat moest. Hij behaalde stilaan betere resultaten maar winnen tegen de grote jongens was niet mogelijk. De jongen werd een doorzetter: zijn vader noemde hem in zichzelf "mini Bettini". Dat was toen een van de beste wielrenners . Die was ook klein van gestalte, maar zeer slim. Zijn zoon koerste graag in slecht weer. Bij regen hagel of zelfs sneeuw waren het vaak sterkere de strijd al vroegtijdig stopten . Op die manier voelde zoon zich sterker dan vele winnaars.
De jongen werd ouder en veranderde van clubs. Papa hoopte telkens dat zijn zoon niet de zwakkere van het team zou zijn en gelijke kansen zou krijgen als de sterke renners. Onterecht want de jongen was steeds bij de beteren van zijn club. Zonder een winnaar te zijn werd hij door elke club, waar hij deel van uitmaakte, zeer geliefd. Hij was altijd vriendelijk en deed wat hij kon. Daar was papa enorm fier op!
Studeren was belangrijk en vanaf 18 jaar werd het moeilijker om de koersen degelijk aan te pakken. Langere wedstrijden, moeilijke studies (en natuurlijk ook plezier maken) waren oorzaak dat resultaten niet meer zo goed waren. Vader wilde dat de jonge man al het mogelijke deed voor de studies en de koers. Papa vond dat hij zijn kansen niet goed benutte en onvoldoende leerde uit zijn fouten. Elke wedstrijd was wel iets de oorzaak dat zijn zoon niet goed deed. Er waren discussies maar vader uitte steeds zijn fierheid over zijn zoon. Wielrennen is een sport was waar je moest voor leven en waar je andere leuke dingen moest voor laten. Met inzet voor school en koers zou er onvoldoende tijd zijn voor andere leuke dingen. 
De jongen groeide verder op en voelde aan wat papa zei. Met koersen wilde hij ook niet stoppen en besefte het belang van zijn studies. "Alles voor de toekomst". Ook het studeren liep niet naar wens. De jongeman besliste om kleinere, kortere, wedstrijdjes te rijden en andere studies aan te vatten. Papa voelde aan dat zijn zoon nu goede keuzes maakte. Alles met het oog op een mooie toekomst. De zo belangrijke toekomst: juiste keuzes maken, ervoor gaan en zo gelukkiger worden. 
Zo verliep het. De flinke zoon werd zelfs 3X kampioen in zijn sport en behaalde een mooi diploma. De jongen trainde naar wellust vond moeiteloos werk. Vader zag dat zijn volwassen zoon plannen maakte en de toekomst begon er veelbelovend uit te zien. Vader en zoon schoten nu goed met mekaar op. De papa kon de zoon niet veel meer leren maar wel gaan genieten van zijn eigen jarenlange inzet. De zo belangrijke toekomst was voorbereid. Niets kon nog fout lopen nadat zij zoon ook nog eens een extra kampioenentrui won, zelfs in het tijdrijden. Het ooit zo kleine jongentje was na al die jaren een sterke, slimme, man geworden.
Slechts 9 dagen na het winnen van zijn vierde kampioenentrui vond de vader zijn zoon levenloos langs zijn bed. De wereld stortte in...de ervaren vader was machteloos en de toekomst, de zo belangrijke toekomst ineens ....zo uitzichtloos!!!
Dagen, maanden nadien en nu nog krijgt de vader veel steun via kennissen en via facebook. Op facebook was de eerste belangrijke zin die vader ooit op zijn profiel schreef. JE LEEFT MAAR 1DAG, VANDAAG want ...MORGEN KOMT MISSCHIEN NIET MEER. 
Een hartziekte met fatale afloop zou door geen enkel onderzoek kunnen gevonden geweest zijn. Niemand treft fout, niemand. Vader hoop nog steeds dat het zijn zoon goed gaat. Er zijn momenten dat vader dat merkt dat zijn zoon nog ergens is, ergens maar... waar? Niemand maar dan ook niemand kan hem dat vertellen. Vandaar zijn toekomst, de zo belangrijke toekomst nu gestopt door een mistige muur van verdriet.
Danny (de vader)

Share