Ferre Hulsmans mister mini Parijs-Roubaix

In afwachting van Parijs-Roubaix voor beloften was er afgelopen zondag ook de mini Parijs-Roubaix voor aspirantjesn dit zijn jonge wielrennertjes van 10 tot en met 14 jaar. Bij de tienjarigen ging de fel begeerde kassei naar Ferre Hulsmans, jongste zoontje van Kevin. Op de piste van Roubaix toonde hij zich sneller dan vier medevluchtertjes. Johan Vansummeren heeft een Limburgse opvolger.
“Een fantastische belevenis”, vertelt papa Kevin. “Ik wist dat die wedstrijd bestond. Vorig jaar wilden we al inschrijven maar toen waren we te laat want het aantal deelnemers is uiteraard gelimiteerd. Dit jaar waren we wel tijdig ingeschreven. Samen met 165 andere tienjarigen vanuit bijna alle landen van Europa, stond Ferre aan de start. De renners van zijn categorie moesten tien kilometer afleggen. Ze verzamelden daarom net voor de kasseien van Hem. Een strook van anderhalve kilometer die bij de profs als eentje met twee sterren wordt gecatalogeerd. Niet super slecht vooral omdat er aan beide zijden een asfaltstrookje ligt. Maar wie er ooit al eens heeft overgereden, zal beamen dat dit voor aspiranten echt wel ‘kasseien’ zijn. Eens het startschot gegeven, stormde de meute richting de piste van Roubaix, alsof de aankomst één bocht verder lag. Eigenlijk werd het een sprint van tien kilometer”, lacht Kevin. “Het grote peloton werd meteen in stukken en brokken gescheurd. Ook kregen heel wat rennertjes met een lekke band af te rekenen. Die knaapjes zijn nog niet zo behendig en rijden daardoor in elke put die voor hun wiel komt. En dat zijn er een pak.”
Ferre bleef van pech gespaard en nestelde zich in een kopgroepje van zeven koplopers waarvan er nog vijf samen de piste in Roubaix opdraaiden. Daarvan toonde de jongste Hulsmans zich de snelste.
“En dit onder de ogen van Bradley Wiggens”, giechelde Ferre. Wiggens was er aanwezig omdat ook zijn zoon deelnam. “Dit is zonder twijfel mijn mooiste zege tot nu toe. Of ik het een plezante wedstrijd vond? Als je hebt gewonnen uiteraard wel. Maar tijdens de koers heb ik die kasseien echt wel vervloekt. Ik had nooit gedacht dat het zo moeilijk en zwaar zou zijn om daar over te rijden.”
Als trofee kreeg de winnaar net als de ‘groten’ een echte kassei. “Die van mij is niet zo groot en zwaar als die van de profs maar wel ook een hele mooie. Ik ga die zeker koesteren. Voorlopig staat hij thuis nog in de keuken. Maar ’s avonds neem ik hem wel elke keer mee om naast me op het nachtkastje te zetten. Eerdaags zal hij daar een mooi plaatsje krijgen”, glundert mister mini-Parijs-Roubaix.

Share