Jens Reynders

Carlo Bomans volgt zijn prestaties

Vorig seizoen werd Jens Reynders provinciaal tijdritkampioen maar lukte hij er niet om een wegwedstrijd te winnen. Pech allerhande verhinderde hem dat. Iets wat hem vorige week in Zepperen weer parten speelde. Maar afgelopen zondag in Drieslinter viel alles in de juiste plooi.
Op drie ronden van het einde ging hij alleen aan de haal. Een ronde verder sloten vier renners aan. Maar Reynders was zo sterk dat hij hen in de finale weer achterliet om licht afgescheiden zijn eerste zege van het seizoen te behalen.
“Conditioneel ben ik in orde”, stelt Jens. “Honderd procent nog niet. Dat hoop ik over enkele weken in de Ster van Zuid-Limburg te zijn. Dat wordt mijn eerste hoofddoel. De week nadien zou ik graag aan Parijs-Roubaix deelnemen. Daarvoor moet ik me in de gunst van Carlo Bomans rijden. Die eerste zege is alvast een goed begin.”
Reynders behoort net als Jasper Philipsen alvast tot een select groepje juniores dat via een project van de wielerbond begeleid wordt. “We goed opgevolgd. Regelmatig worden er inspanningstesten afgenomen, krijgen we trainingsschema’s toegestopt en kunnen we aan korte stages deelnemen. Coach Carlo Bomans volgt mijn doen en laten dan ook van heel dichtbij. Verder word ik uitstekend begeleid door mijn trainer Dominique Perissi die ook aan de project meewerkt, en tevens mijn leraar is aan de sportschool in Hasselt. Ondermeer dankzij hem heb ik een uitstekende winter achter de rug. Heel anders dan een jaar geleden. Toen kon ik tijdens de winterperiode niet voluit trainen en ook geen krachttrainingen doen wegens een overbelasting van de knie. Dat speelde me dit keer geen parten, waardoor ik nu een stuk sterker aan het seizoen ben begonnen.”
Vorig week in Zepperen leek nochtans pech hem weer te dwarsbomen. “Dat is zo”, knikt Jens. “Op 4km van het einde raakte ik met mijn voorwiel het versnellingsapparaat van Jasper Philipsen waardoor we allebei te voet werden gezet en een ereplaats of wie weet winst konden vergeten. Jammer als je met goede benen zit. Dat was afgelopen zaterdag in Nokere koerse ook weer het geval. Omdat er in de slotronde bijzonder veel gewrongen werd om voor een goede positie met het oog op een massaspurt, waagde ik op vijf kilometer van de meet een alles of niets poging. Het werd uiteindelijk niets want op twee kilometer van het einde werd ik weer gegrepen. Een dag later in Drieslinter werd het dan weer alles.”

Share