Phlipsen volgt zichzelf op in Triptique

 

Toen Jasper Philipsen een jaar geleden als piepjonge belofte al meteen de Triptique Monts et Chateaux won, werden al heel wat superlatieven uit de kast gehaald. Zo’n zware en sterk bezette driedaagse winnen is straffe kost. Bevestigen is nadien misschien wel even moeilijker. Dat heeft Jasper al gedaan en dat deed hij het afgelopen weekend opnieuw door voor het tweede jaar op rij de Triptique te winnen. Dit keer met nog iets meer bravoure: winnaar van twee etappes, vierde in de tijdrit en derde in de slotrit. Een straffe kerel, maar dat was al geweten.
Ging het dit keer vlotter dan een jaar geleden?
“Zoiets krijg je nooit cadeau”, aldus Jasper. “Het blijft een lastige rittenwedstrijd met heel wat sterke renners aan de start. En ook al was vorig jaar de verrassing groter, deze vind ik zeker even mooi. Qua parcours was het dit keer een stuk lastiger dan een jaar geleden. Vooral de slotrit, weliswaar maar 90km lang, was niet van de poes. De slotklim was er eentje met slechte kasseien en flink klimmend. Ik had dankzij de bonificaties via mijn twee ritzeges en mijn goede tijdrit wel wat voorsprong in het klassement, maar ik mocht toch niet te veel terrein prijs geven. Dat is me goed gelukt. In die slotklim zonderden we ons met een zestal renners af. Natuurlijk had ik ook die rit nog graag gewonnen maar daarvoor was Stan Dewulf (die zondagvoormiddag trouwens ook de tijdrit had gewonnen) iets te sterk.”
En nu op naar de Ronde van Vlaanderen voor beloften van volgende week waarin hij vorig jaar tweede werd. “Uiteraard ga ik voor winst maar in tegenstelling tot vorig jaar, toen ik de wedstrijd kon ondergaan, zal ik hem nu mee moeten helpen dragen en dat is toch anders. Ik maak er deel uit van de nationale ploeg. Dat is anders koersen dan met je eigen ploeg. Maar ook het Belgisch team is heel sterk. We zijn jongens die elkaar al lang en goed kennen en die voor mekaar door een vuur willen gaan. Ik heb er veel vertrouwen in.”
(foto: Edith Lebleu)

Share