Ronde van Limburg

Datum: 
10 jun 2019
Categorie: 
profs
Dln: 
111
Toptien: 
  1. Grosu Eduard
  2. Consonni Simone
  3. Hansen Lasse Norman
  4. Liepins Emils
  5. Van Poppel Boy
  6. Budding Martijn
  7. Van Asbroeck Tom
  8. De Decker Alfdan
  9. Capiot Amaury
  10. Warlop Jordi
verslag: 

Het zou bijzonder mooi geweest zijn mocht Jasper Philipsen zijn eerste Ronde van Limburg hebben kunnen winnen. En het heeft ook niet veel gescheeld. Bijna ronde hij een solo van zo’n 50km met succes af. Pas onder de ronde vond werd hij onder impuls van Roompot door een uitgedund peloton gegrepen en ging de zege naar de Roemeense kampioen Michael Grosu, pas ook nog twee keer podium in de Ronde van Luxemburg. Een man in conditie dus.
De normaal anders spraakzame Jasper Philipsen zat er dit keer na de aankomst wat stilletjes bij. “Natuurlijk ben ik ontgoocheld”, schudt hij. “Het zou prachtig geweest zijn, mocht ik dit succesvol hebben kunnen afronden. Maar het is nu niet zo. Toen ik op goed 50km van de meet in de heuvelzone doortrok, was dat eerder met de bedoeling met een select groepje vooruit te geraken. Eerst waren we met vier, doch er was toen een incidentje met een auto waardoor ons groepje uit elkaar viel en we nog met twee overbleven. Sjoerd Bax was nog mee, maar had in de beginfase van de wedstrijd al een tijd vooruit gereden en kon niet echt meer voldoende steun bieden. Hij moest wat later trouwens ook de rol lossen waardoor ik nog alleen over bleef. Ik wist dat het moeilijk zou worden en in het begin probeerde ik ook nog wat de benen te sparen. Ik heb ook nog een sprint. Mochten ze terugkomen, dan kon ik die kaart nog trekken. Doch de ploegleiding raadde me aan om vol te gaan, wat ik dan ook deed. Even begon ik erin te geloven toen ik de laatste 10km inging met een voorsprong van toch nog een halve minuut. Doch toen ik op 2km van de meet omkeek en het voltallig team van Roompot aan de kop zal sleuren, wist ik het wel. Ik heb gespeeld en verloren. Dat is jammer maar het hoort bij de koers.”
Nu op naar de Ronde van België, waar hij niet met zijn UAE-Team aan de start zal komen maar als lid van de nationale ploeg. “Dat zal zeker wat wennen worden. Een nieuwe omgeving, maar ik ken die jongens en ik ga proberen goed te presteren. De conditie is prima, zo bleek vandaag. Natuurlijk zal de tegenstand daar met een aantal protourteams aan de start een stuk groter zijn dan hier. Doch daar ben ik niet bang voor.”

Amaury Capiot
Het gaat weer de goede kant uit met Amaury Capiot. In ‘zijn’ Ronde van Limburg tikte hij als 9de aan. Onderweg toonde hij zich bijzonder strijdvaardig. Na ongeveer 100km wedstrijd was hij trouwens de aanstoker van een gevaarlijk vlucht. Doch even later liet hij zich weer inlopen. “Bedoeling was om met een groepje vooruit te geraken, met daarbij een paar sterke jongens. Dat lukte niet meteen, waardoor ik gokte op een nieuwe poging iets later.”
Toen Philipsen op 50km van de streep zijn duivels ontbond, was Amaury attent en wipte hij mee.
“Jammer van het incident. Plots stopte er een wagen midden op de weg, die zijn deur open gooide. Daardoor moesten we vol in de remmen en verloor ik het contact met Jasper. Spijtig want als je nu ziet hoe dicht hij in zijn eentje is geraakt… En hoe hard ze achter hem hebben moeten jagen… Met twee of drie hadden we het misschien tot aan de streep kunnen uitzingen.”

Dennis Coenen
De groep die voor de overwinning spurtte was nog amper 40 renners groot. Alleen de sterke kerels waren overeind gebleven. Daarbij ook nog Dennis Coenen. Hij werd uiteindelijk 23ste. Veel koop je daar natuurlijk niet mee, maar daarmee heeft hij toch aan de ploegleiding laten zien dat het in tegenstelling tot wat men vermoedde, wel degelijk snor zit met zijn conditie.
“Omdat ik moest opgeven in de Flèche du Sud, besliste men om me niet te selecteren voor de Ronde van België. Niet goed genoeg in conditie, stelde men. Doch ik moest daar opgeven met rugpijnen. Nochtans had ik echt uitgekeken naar die Ronde van België en ik ben dan ook erg ontgoocheld er niet bij te zijn. Me heeft me beloofd dat indien ik vandaag goed zou presteren, men als nog een wissel zou doen. Ik hoop dat het voor hen goed genoeg was.” 

Roy Jans
Het onweer tijdens de wedstrijd had zich overgeplant op het gezicht van Roy Jans. Zichtbaar gelaten probeerde hij de ontgoocheling van zich weg te vloeken, na een lekke band op 2 kilometer van het einde. Roy Jans: “Verdorie toch… Het is niet te geloven. Ik was héél goed, (met nadruk) echt héél goed… Jasper Philipsen was sterk maar zou gegrepen worden, dat was duidelijk. Ik zat ideaal geplaatst om de sprint aan te gaan en geloofde er helemaal in. Tot ik dan plots achteraan lek rijd op 2 kilometer voor de aankomst. Je wil niet weten wat je dan allemaal denkt en vloekt. Nummer twee vandaag, de Italiaan Consonni, reed ook lek in de laatste ronde maar wel een stuk eerder. Hij had het geluk om nog te kunnen terugkeren, maar dat was mij niet gegund. Hier is maar één woord voor: kl…. Sorry.” 

 

Ben Hermans
Op een goede 80 kilometer voor het einde ging Ben Hermans tegen de vlakte. Alweer hij. De renner van Israel Cycling Academy zat dit seizoen al meer in de lappenmand dan op de fiets. Een hardnekkige enkelblessure in het voorjaar en een flink gehavende knie na een valpartij in de Waalse Pijl, dwongen hem telkens opnieuw in het defensief. Ben Hermans: “Ik had er een doel van gemaakt om hier goed te presteren. Ik had graag willen meezitten in de ontsnapping die Jasper Philipsen bijna succesvol afmaakte, maar het mocht opnieuw niet zijn. De benen waren goed, maar het wegdek blijkbaar niet. In een bocht schoof ik onderuit en ik kreeg nog een renner of twee over me heen. De lichamelijke schade viel buiten wat schaafwonden nog wel mee, maar mijn schoenplaatjes waren stuk. Het duurde te lang vooraleer ik over een vers paar schoenen kon beschikken en toen had verder aandringen geen zin meer.”

 

Foto van Kristof Mellemans