Ster reglement

We gaan op zoek naar de
Limburgse Ster van het jaar 

Via deze site gaan we op zoek naar de STER VAN HET JAAR. Enkel Limburgse renners kunnen hiervoor punten verdienen. Er worden drie klassementen opgemaakt. Eentje voor nieuwelingen, één voor juniores en eentje voor eliten en beloften. Renners kunnen op de volgende manieren punten verdienen:

  1. Enkel in de Limburgse wedstrijden kunnen de renners punten verdienen.Tien punten voor de eerste, negen voor de tweede,… één punt voor de tiende.
  2. Elke overwinning in een LIMBURGSE WEDSTRIJD levert vijf punten extra op. Dus eigenlijk krijgt die renner dan voor die eerste plaats vijftien punten. (10+5)
  3. Een overwinning in een NIET-LIMBURGSE WEDSTRIJD is goed voor tien punten. Ereplaatsen in niet-Limburgse wedstrijden (die niet in de opgesomde lijst staan) worden niet in rekening gebracht.
  4. In de vooraf bepaalde grotere wedstrijden (zie lijsten in het submenu van de betreffende categorie) kunnen de Limburgse renners punten verdienen tot en met de twintigste plaats. Dus twintig punten voor de eerste, negentien voor de tweede,… , één punt voor de twintigste.
  5. In wedstrijden voor profs kunnen de Limburgse renners punten verdienen tot en met de twintigste plaats. Dus twintig punten voor de eerste, negentien voor de tweede,.. , één punt voor de twintigste.
  6. Winst in een grote wedstrijd uit de vooraf bepaalde lijst levert tien extra punten op. Wat betekent dat een Limburgse winnaar in een grote Belgische koers dertig punten verdient. (20+10)
  7. In de provinciale kampioenschappen krijgen renners punten van 20 tot 1. De kampioen krijgt vijf extra punten. Hetzelfde geldt voor de provinciale kampioenschappen tijdrijden.
  8. De provinciale kampioenen op de PISTE krijgen elk 5 punten. 
  9. De prestaties in de ritten van de Ster van Zuid-Limburg voor juniores en die van de Trofee van Haspengouw voor nieuwelingen worden aangerekend volgens het puntensysteem van een ‘gewone’ Limburgse wedstrijd. Het eindklassement wordt beschouwd als een ‘grotere’ wedstrijd.
  10. In niet-Limburgse rittenwedstrijden die in de lijst voorkomen (zoals bijvoorbeeld de Ronde van Luik) wordt enkel het individueel eindklassement in rekening gebracht.
  11.  De nationale testtijdritten  en de nationale kampioenschappen tijdrijden (indien er meer dan twintig renners in een bepaalde categorie van start gaan) worden zoals een grote wedstrijd verrekend. Dus 20 punten voor de eerste,... 1 punt voor de twintigste. Verschijnen er minder dan twintig renners aan de start dan kregen enkel de beste tien punten, verdeeld als volgt: 10 voor de eerste,... 1 voor de tiende.
  12. Een overwinning in een BUITENLANDSE WEDSTRIJD is goed voor 20 punten.
  13. De wedstrijden tellend voor de Nations Cup worden uiteraard ook beschouwd als een grote wedstrijd waarbij de puntenverdeling hetzelfde is dan bij punten 4 en 5 van dit reglement.
  14. Prestaties in een EK of WK (op de weg of tijdrijden) worden gehonoreerd zoals een grote wedstrijd. Dus 20 punten voor de eerste, 19 voor de tweede,... Mocht een Limburger Europees kampioen of wereldkampioen worden, dan worden die punten verdubbeld. Dus 40 punten.
Share